25 september 2021

Door een stukje Schelde- en Zwalmvallei (7 juli 2021)

Wandeling door de mooie groene Scheldevallei tussen Nederzwalm en Gavere en terug langs de schilderachtige Zwalm.

Nederzwalm, waar ik mijn wandeling begon, is één van de twaalf dorpen van de fusiegemeente Zwalm. Het sterk stromende water van de Zwalm en haar zijbeken was ooit de drijfkracht van een dertiental watermolens, waarvan een drietal op het grondgebied van Nederzwalm-Hermelgem. Verwijzend naar dit verleden pronkt op het kleine dorpsplein bij het kerkje van Nederzwalm het beeld van de molenaar.

Doordat een wandelknooppunt niet bereikbaar was, moest ik na de start al meteen mijn geplande route aanpassen. Bij de brug over de Schelde tussen Zingem en Zwalm bereikte ik het natuurgebied de Grootmeers, een Scheldemeers op het grondgebied van Zingem. Het is een klein maar mooi en rustig brokje natuur, waar enkel natuurgeluiden de stilte verstoren. Ik passeerde de vroegere herberg Stuivenberg, gelegen op een zandheuvelrug en stapte wat later door de Kleinmeers in Asper. Het jaagpad langs de de Schelde leidde mij tot bij de Scheldebrug in Gavere.

Ik volgde nu het jaagpad langs de andere Scheldeoever tot bij een oude afgesloten Scheldemeander: de Warandeput of “den Ouden End”. Het Hofmeerspad stuurde mij langs het kasteel Grenier op de oostelijke steilrand boven de Schelde. Het was de Gentse lakenhandelaar en senator baron Grenier die het kasteel in de 19de eeuw liet bouwen. Alleen spijtig dat vanaf het Hofmeerspad het bouwwerk voor mij onzichtbaar bleef.

Wat verder bereikte ik het gehucht “de Rotse”, waar tot het begin van de 19de eeuw het kerkje van het bronnendorp Dikkelvenne stond. Volgens de legende was het de heilige Christiana, een Schotse prinses die zich tot het Christendom had bekeerd, die hier in de 8ste eeuw op een rots tikte en er water deed opborrelen. Ooit werden er in het bronnendorp drie bronnen commercieel uitgebaat. Vandaag wordt er enkel nog natuurlijk mineraal water gebotteld en verkocht door het familiebedrijf “Christiana bronnen“. Het mineraalwater wordt opgepompt van een bron die 230 meter diep ligt. In 2014 werd het mineraalwater erkend als streekproduct.

Ik vervolgde mijn wandeling door de Scheldevallei tot bij het natuurgebied de Kaaimeersen en een oude Scheldearm in Meilegem, een deelgemeente van Zwalm. Voor de rechttrekking van de Schelde was hier een aanlegsteiger en een loskade. De oude hoeve bij de kade werd de Kaaihoeve genoemd. Deze hoeve werd door de provincie Oost-Vlaanderen aangekocht en ingericht als natuureducatief centrum.

Hier verliet ik de Scheldevallei en volgde een stukje het traject van de GR122 (Scheldeland) op zoek naar de Zwalm. Een pad langs de Stampkotbeek (een molensteen verraadt de plaats waar ooit de Stampkotmolen stond) en een korte beklimming van de Langemunt stuurden mij hoger tot bij het kerkje van Sint-Maria-Latem. Wat verder had ik een mooi panorama over de Zwalmvallei.

De afdaling naar de Zwalm bracht mij tot bij de eeuwenoude Ijzerkotmolen, een schilderachtig plekje in het zogenaamde “Klein Zwitserland“. De geschiedenis van deze watermolen gaat terug tot in de 15de eeuw. Hier begon ik mijn terugweg naar Nederzwalm en volgde stroomafwaarts het wandelpad langs de Zwalm.

Net voor de dorpskern van Nederzwalm passeerde ik nog de mooie Ter Biestmolen, waarvan de geschiedenis terug gaat tot voor 1063.

Mijn foto’s van de wandeling: Nederzwalm 7 juli 2021

Facebooktwitterpinterestlinkedinmail

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.