10 maart 2018: Tournai-Peruwelz (40 km)

Wandeling doorheen het westen van de provincie Henegouwen: van Doornik naar Peruwelz.

Parkoers: Chercq-Peronnes-Laplaigne-Callenelle-Peruwelz.

Carnaval in Doornik, door le Pays Blanc en de oude kalkovens rond Antoing, oude steengroeven, het Parc naturel des Plaines de l’Escaut, langs de Schelde en kanaal, het bos van Flines-lès-Mortagne.

De wandeltocht werd georganiseerd door de wandelclub uit Peruwelz en vertrok vanuit het station van Doornik. We parkeerden de wagen op de parking aan de achterkant van het station en schreven ons in bij de clubverantwoordelijke in de stationshal. Nog een koffie en een croissant in het stationsbuffet en om acht uur begonnen we aan de tocht.

De Scheldestad Doornik is, na Tongeren, de oudste stad van België en heeft een mooi historisch centrum. We hadden geluk want het parkoers stuurde ons dwars door de binnenstad. We stapten voorbij de imposante Cathédrale Notre-Dame richting Grand Place. De kathedraal met de vijf klokkentorens werd door de Unesco als werelderfgoed erkend en wordt momenteel grondig gerestaureerd.

Het was nog rustig in de stad maar dit zou wellicht niet lang meer duren want de “Gilles” (van Binche of Doornik ??) warmden zich op voor het plaatselijke carnaval. We bekeken het schouwspel wat van dichterbij en dronken nog een koffie in een café op de Grand Place.

We verlieten de stad in zuidelijke richting en bereikten na een poosje de oevers van de Schelde. In een café in Chercq was er een eerste rustpost. De patron van het café demonstreerde ons een plaatselijke volksport: het “jeu de fer”.

Langs de oevers van de Schelde en voorbij enkele oude kalkovens stapten we via Calonne en Bruyelle naar Péronnes-Lez-Antoing. Onderweg wandelden we door het “Espace vert des 5 rocs” en langs enkele oude steengroeven. Het natuurgebied “des 5 rocs” is een kunstmatige heuvel, ontstaan door het opvullen van steengroeven met afvalmateriaal van de aanleg van de naburige TGV-lijn. Boven hadden we een mooi uitzicht over de scheldevallei: Calonne en Antoing of “le Pays blanc”. Deze naam dankt de regio aan het “witte stof” dat vrij kwam bij de verwerking van de kalksteen.

In het “café les Pêcheurs” in Péronnes-lez-Antoing was er een tweede rustpost. We namen er de tijd voor een broodje en een frisdrank. De volgende stops waren in Laplaigne en Callenelle. We stapten nu door het Parc naturel des Plaines de l’Escaut en volgden een tijdje het traject van de GR123 (Tour du Hainaut Occidental) en wandelden een stukje door Frankrijk in het  “Forêt domaniale de Flines-lès-Mortagne”. De veldwegen waren drassig en modderig. Tussen Laplaigne en Callenelle moesten we eventjes ons regenvest aantrekken en waren we eventjes het goede spoor kwijt.

In het café “le Relais” in Callenelle, de laatste rustpost, dronken we nog iets. Ondertussen stond de teller van mijn GPS op 31 km, eigenlijk 2 km meer dan aangeduid op het infoblad van de wandelclub. We hadden dus blijkbaar duidelijk wat extra kilometers afgelegd. Er bleven nog 10 km tot de aankomst in Peruwelz.

Aangezien we absoluut de trein van kwart na vijf naar Doornik wilden nemen, besloten we om het “kortere” traject van het parkoers van de “30 km” te volgen. We wandelden een stukje langs het kanaal tussen Péronnes en Antoing en ik herkende enkele stukjes van een “vroegere” wandeltocht vanuit Wiers.

In de start- en aankomstplaats in Peruwelz konden we nog iets drinken. Een vriendelijke medewerker van de wandelclub voerde ons nadien naar het station. Op het perron richting Doornik stonden heel wat verklede carnavalvierders. Een kwartuurtje later stonden we terug in Doornik.

 

 

Mijn foto’s: Tournai-Peruwelz 10 maart 2018

 

Facebooktwittergoogle_pluspinterestlinkedinmail

2 thoughts on “10 maart 2018: Tournai-Peruwelz (40 km)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *